© 2023 by Name of Site. Proudly created with Wix.com

De Merchtemse eend

Dit ras is afkomstig van de streek rond het gelijknamige dorp; Merchtem. Deze streek was in het begin van de twintigste eeuw gespecialiseerd in de productie van pluimveevlees voor onze hoofdstad Brussel. Naast het Mechels hoen, in die tijd de beste vleeskip ter wereld genoemd, was deze streek ook bekend voor één van de beste vleeseenden van die tijd: de Merchtemse eend. Over het ontstaan van de Merchtemse is weinig geweten maar aangenomen wordt dat mede uit kruisingen tussen de Engelse Aylesburry eend en de Dendermondse eend, tegen het einde van de vorige eeuw de Merchtemse eend werd geselecteerd. De Merchtemse is een nutseend op en top. Deze zware eend (3,5 kg) levert niet alleen veel vlees maar het is eveneens zeer fijn vlees van een zeer goede kwaliteit. Het gevederte is zuiver wit zonder enige gele aanslag. De snavel, en dat maakt deze eend speciaal, is lichtroze zonder enig spoor van geel pigment. De poten zijn lichtgeel gekleurd. Er zijn nu weer een paar fokkers van dit ras, die samen een klein bestand vormen van een paar tientallen eenden.

 

Herkomst : Zoals de naam reeds laat vermoeden, is dit ras inderdaad afkomstig van de streek rond het gelijknamige dorp. Merchtem is een Vlaams-Brabants dorje op 18 km. van Brussel gelegen in een streek die rond het begin van de twintigste eeuw gespecialiseerd was de productie van pluimveevlees voor onze hoofdstad. Merchtem stond immers ook bekend als kweekcentrum voor het Mechels hoen. Over het juiste ontstaan van dit ras is weinig met zekerheid geweten. Men neemt echter wel aan dat de Engelse Aylesburry-eend een voorname rol gespeeld heeft in de stamboom van de Mechelse.  Een ander ras dat regelmatig genoemd wordt als voorouder van de Merchtemse is de Dendermondse eend.

 

Eigenschappen : De Merchtemse is een nutseend op en top. Met haar 3,5 kg behoort ze alleszins tot de zwaarste rassen maar de combinatie met de fijnheid en de kwaliteit van haar vlees plaats haar ook vandaag nog hoog op het ranglijstje van de betere slachteenden. Naast de opbrengst van een smakelijke en dikke eendenbout levert de Merchtemse ook nog een zeer mooi aantal grote eieren die ze helaas niet gemakkelijk zelf zullen bebroeden. De eend vangt vroeg in de lente aan met leggen en gaat meestal lang door tot een stuk in de herfst.

 

Uiterlijke kenmerken : Qua uitzicht is de Merchtemse een grote dikke eend zonder spoor van wammen en met een horizontale houding. Het gevederte is zoals reeds aangegeven zuiver wit zonder gele aanslag. De snavel, en dat maakt deze eend zo bijzonder, is bleekroze zonder enig spoor van geel pigment. Deze eigenschap heeft ze gemeen met de Aylesburry. Het ontbreken van enig geel pigment werd in deze tijd beschouwd als teken van superieure vleeskwaliteit, getuige hiervan alle andere Belgische vleesrassen. De Merchtemse was dus zeker en vast een typisch product van zijn tijd. De poten zijn wel geel doch dit staat los van het al of niet aanwezig zijn van geel pigment in snavel en/of huid.

 

Kleurslagen : Merchtemse eenden zijn steeds zuiver wit met in het ideale geval enige blauwachtige schijn in het gevederte.

 

Status : Zeer zeldzaam tot bedreigd. Dit ras is volledig in handen van nog slechts enkele Vlaamse fokkers en komt slechts uitzonderlijk voor in Wallonië. In Frankrijk komt het sporadisch voor en noemt men het Bourbourgeend. Onbekend in de andere landen.

Merchtemse eend

Loslopend op een wei

Merchtemse eend

Tentoonstelling 2017 - Merchtem

Merchtemse eend

Onze voorzitter Pieter Brabant met 3 Merchtemse eenden op de jaarlijkse jaarmarkt.

DE MERCHTEMSE EEND

Officiële Belgische standaard goedgekeurd door de Landsbond op 8 juli 2001

 

HERKOMST: Een oud ras en als lokale variante te beschouwen van de typische West-Europese witte landeenden met bleke snavel, zoals de Alliereend en de Aylesbury eend. Werd in de streek van Merchtem gefokt voor de Brusselse markt. De Bourbourg eend uit Frans-Vlaanderen is de Franse tegenhanger van de Merchtemse eend.

ALGEMENE KENMERKEN: De Merchtemse eend is een grote witte landeend met horizontale houding, zonder wammen of kiel en met bleke snavel.

EIGENSCHAPPEN: Een zeer produktieve eend die op een beperkt beloop kan gehouden worden, eventueel zonder zwemwater. Zeer goede leg; broedt gemakkelijk en goede moeder. Na 8 tot 10 weken slachtrijp; het vlees wit van kleur en zeer fijn.

GEWICHT: Volwassen woerd: 3,5 kg Volwassen eend: 3 kg

RINGMAAT: Woerd: 18 mm Eend: 18 mm

 

VORMBESCHRIJVING (TYPE)

(+ kleur van de niet bevederde delen)

Algemeen: Een grote landeend met horizontale houding. Het lichaam zeer lang en breed met diepe borst welke in één lijn overgaat in de buik; geen wam of kiel. Gevederte vrij vol, glad en vast aanliggend.

Kop: Nogal krachtig en lang. Droog, t.t.z. zonder wangontwikkeling, met vlak voorhoofd en met goed uitgesneden keel.

Ogen: Vrij klein en levendig en nogal hoog geplaatst. Donker gekleurd. Oogrand fijn.

Snavel: Lang en breed (met parallele zijden); bijna recht. Wit tot wit-roze; enkele donkere (blauw)grijze vlekjes toegestaan. Witte nagel.

Hals: Middellang en licht gebogen en vrijwel vertikaal gedragen. Middelmatig dik.

Borst: Vol, breed en diep. Geen borstwam of kiel.

Buik: Vol; in het verlengde van de borst; niet uitgezakt. Droog en mooi afgerond onderaan; geen buikwam of kiel.

Rug en lenden: Vlak en breed.

Vleugels: Sterk; reiken tot aan de bovenstaart. Nogal hoog gedragen en goed aangesloten en niet gekruist.

Staart: Nogal kort en gesloten; horizontaal gedragen. Twee of drie krulveren bij de woerd.

Poten: Dijen en benedendijen bijna volledig in het gevederte van de flanken schuilgaand. Loopbenen middellang en krachtig; evenwijdig aan elkaar in vooraanzicht. De 3 voortenen goed gespreid en helemaal door de zwemvliezen verbonden; de voetzool klein. De kleur van de loopbenen en tenen is geel tot oranjegeel.

Huid: Wit roze.

 

BEOORDELING VORM EN NIET BEVEDERDE DELEN:

Lichte fouten: Een kleine legwam bij een volwassen eend. Gekruiste vleugeltippen. Blauwzwarte snavelbasis, t.t.z. een grote vlek i.p.v. enkele stippen.

Fouten: Iets te klein (gewicht beter iets te hoog dan te laag). Een grote legwam. Licht opgerichte houding. Lichtgele aanslag in de snavel. Oranjerode loopbenen.

Zware fouten: Veel te licht en te slank. Te sterk opgerichte houding. Kielvorming. Sterk gekruiste vleugels of vleugels slecht aangesloten. Kleine lichaamsgebreken zoals gescheurde zwemvliezen, ontbrekende nagel, gezwollen voetzool.

Uitsluitingsfouten: Veel te licht of veel te groot (30% buiten het standaardgewicht). Oranje snavel. Elk spoor van kruising met een ander ras. Zware lichaamsgebreken zoals scheve staart, geknikte hals, steekwiek.

KLEURSLAG WIT

KLEUR VAN HET GEVEDERTE:

Het ganse gevederte zilverwit met een iets blauwige schijn; wordt iets blauwiger met de leeftijd.

 

BEOORDELING VAN DE KLEURSLAG WIT:

Lichte fouten: Geen blauwe schijn.

Fouten: Een lichte geelachtige aanslag.

Zware fouten: Sterke gele aanslag.

Uitsluitingsfouten: Gekleurde pennen; gekleurde dekveren anders dan blauwachtig.

This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now